donderdag 12 november 2009
zaterdag 7 november 2009
Luka Bloom overtuigt in Mezz

(BN/de Stem 6 november 2009)
Hoewel hij teruggetrokken woont op het Ierse platteland, heeft hij ook een appartement in de Amsterdamse Jordaan. Luka Bloom heeft namelijk een speciale band met Nederland. Jarenlang stond hij hier op de grote podia, zoals Pinkpop, Paradiso, Carré en Tivoli, die hij moeiteloos uitverkocht. In Carré nam hij een live-plaat op en zette eerder het ‘publiekskoor’ in van een zinderend Tivoli. Maar Bloom, jongere broer van de legendarische Ierse folkzanger Christy Moore, pakt het de laatste tijd intiemer aan, zowel op plaat als tijdens concerten. Zo kon het gebeuren dat de Ier gisteravond ‘gewoon’ in de Mezz in Breda stond. Voor uiteraard een volgepakte zaal. En met kopje thee, want Bloom is anti-rock ’n roll, en geen ‘stereotype Ier’, zoals hij zelf nog even benadrukte. Als persoon dan, muzikaal is een ander verhaal. Het ‘rebel rebel’ op zijn zwarte shirt zei genoeg. Want Bloom en zijn gitaar op dreef, dat is een eenmanspunkband. Maar de geëngageerde Ier (bouwjaar 1955), al zo’n veertig jaar op de planken, wordt ook een jaartje ouder. En softer, getuige de vele rustieke songs, soms bijna easy listening, zoals het recente ambient-lied ‘Tribe’ en een eerbetoon aan zijn recent overleden held John Martyn. Positieve liedjes, geschreven met het hart op de juiste plek, rond thema’s als dromen, de natuur, verhalen van Ierse emigranten, én van immigranten in Ierland. Vol ontroerende en geestige parlando’s, à la broer Christy. Hoewel Bloom een van de meest constante factors in de popwereld is, lijkt het publiek toch te wachten op de oude ‘evergreens’, de massale meezingers. Maar de Ier is geen ‘pleaser’, en doet lekker zijn eigen ding. Uiteindelijk wel een ‘City of Chicago’, ‘Gone to Pablo’, You Couldn’t Have Come at a Better Time’ en ‘Sunny Sailor Boy’, dat hij ooit kado kreeg van Waterboy Mike Scott, maar géén ‘Delirious’ of ‘I Need Love’, de cover van rapper LL Cool J, ironisch genoeg Blooms bekendste lied. Concessies of niet, niemand die meer overtuigt met alleen gitaar en stem, inclusief onevenaarbaar Ierse snik. En Luka Bloom verdient de Mezz. Het is nauwelijks voor te stellen dat zijn performance elders beter tot zijn recht komt dan in dit warme akoestische bad. Volgende keer maar een plaat ‘Live in Breda’?
donderdag 5 november 2009
My name is Luka - vanavond in Mezz
(interview van 09-11-2007)
Op zondagavond stond hij voor een volgepakt Paradiso. Maandagochtend om tien uur zit Luka Bloom zo fris als een hoentje aan koffie en appelgebak in een café in de Jordaan, op een steenworp afstand van zijn Amsterdamse appartement. “I’m not a fucking rock star, ik ben niet vies van een beetje orde”, zegt de sympathieke Ier.
‘Meer is minder’ is het motto van de geëngageerde zanger/gitarist en dat geldt ook voor zijn muziekbeleving. Luka Bloom (1955, Newbridge, echte naam: Barry Moore), gescheiden, vader van twee zoons (23 en 32) en woonachtig in Blacktrench op het Ierse platteland, vertelt onder meer over zijn eerste platen, zijn ‘éénmanspunkband’, zijn broer (de legendarische folkzanger Christy Moore) en zijn vijftiende wapenfeit, de filmische ambientplaat Tribe.
zie http://www.hifi.nl/allesover.php?id=1903
vrijdag 30 oktober 2009
De Neus in Ruimte-X

RUIMTE-X presenteert in het kader van L’Avventura:
Een ode aan Nikolaj Gogol (1809-1852)
Op 1 april 2009 was het exact 200 jaar geleden dat Nikolaj Gogol het levenslicht aanschouwde in een dorpje in de Oekraïne. De geboorte van ‘de grootste kunstenaar van Rusland’ (Nabokov) en schepper van beroemde verhalen, novellen en romans als De Neus, Dagboek van een Gek, De Mantel en Dode Zielen was aanleiding voor schrijver Dieter van den Bergh en (NRC) fotografe Joyce van Belkom om af te reizen naar de Oekraïne en daar in Gogols voetsporen te treden. De neerslag van hun avonturen wordt op zaterdag 7 november in RUIMTE-X gepresenteerd. Het betreft een fraaie A-6 publicatie, video-opnames en foto’s.
Ook de ‘Bloem van de Natie’, een genootschap van theatrale heren (Twan van Bragt, Bram Gerrits en Gerrit Dragt) dat de wereld al filosoferend, bevragend en kolderiek attaqueert, zag in 200 jaar Gogol aanleiding om de Russisch/Oekraïense meester een theatrale ode te brengen. Met medewerking van het Productiehuis Brabant. Eveneens te beleven op 7 november in RUIMTE-X om 22.00 en 22.45 uur.
Agendagegevens
Datum 7 november 2009
Aanvang 22.00 en 22.45 uur
Plaats RUIMTE-X
Telexstraat 4 a
5038 DJ Tilburg
013 536 02 07
In het kader van L’Avventura, kaarten verkrijgbaar bij De NWE Vorst.
De Gogolpublicatie werd mede mogelijk gemaakt door Bureau Cultuurmakelaar i.h.k.v. Grublit.
donderdag 29 oktober 2009
donderdag 22 oktober 2009
maandag 19 oktober 2009
Shantel: kroonprins van de Balkan Beats

De Manu Chao van de Balkanpop
Waar Shantel, kroonprins van de ‘Balkan Beats’ komt, is het feest. Deze week in Oss en Tilburg.
Brabants Dagblad
Thuis? Nee, hij zou niet weten waar dat is, zegt een vermoeide Stefan Hantel, onderweg van Frankfurt naar Wenen. Okay, zijn studio staat in Frankfurt, zijn moederstad, maar daar is hij nauwelijks. S. Hantel, alias dj/zanger/gitarist Shantel (Frankfurt 1968), is non-stop op tournee. Vanuit Wenen gaat het straks richting Istanbul, waar zijn nieuwe plaat op één staat, ten koste van Michael Jackson.
“I really love my work”, zegt de Duitser met een accent waar Brüno jaloers op kan zijn. “Ik ben getrouwd met de muziek, heb geen privé-leven, maar ik voel me bevoorrecht. Ik sta op de grote Europese podia, er zijn weinig artiesten die me dit nu nadoen, zéker geen Duitse.”
‘Planet Paprika’ heet Shantels nieuwe plaat. Binnen no time stond de schijf bovenaan de Europese World Music Charts en in tal van Europese hitlijsten. Op de plaat - met wederom een aanstekelijke mix van Balkanfolk en westerse pop, dance en hoempa - borduurt de Duitser voort op het succes van ‘Disko Partizani’ (2007). “Dit is een logisch vervolg op ‘Disko Partizani’. Daar heb ik toen keihard aan gewerkt, deze crossover was toen nog nieuw. Het werd een hit, al vonden sommige critici het te commercieel, te glad. Onbegrijpelijk, want wat ik doe heeft niets met mainstreampop van doen.”
Hoe zijn muzikale mix tot stand komt? Puur intuïtief, bezweert de Duitser. Dat er deze keer meer Griekse invloeden inzitten is toeval. “I’m just a stupid German boy mixing good music. Ik denk niet in nationaliteiten of hokjes, zoals ‘Balkan’. Ik denk niet: welke exotische invloed zal ik er nu weer ’s uitpikken, Chinees, of Grieks? Het ontstaat gewoon.”
Waar Manu Chao de wereld veroverde met zijn grenzeloze latin en patchanka, doet Stefan Hantel dat met de Balkanpop. Maar kom bij de Duitser niet aanzetten met de term ‘Balkan Beats’. “Dat is de naam voor een hype. Een hype gaat over, mijn muziek zal blijven bestaan, beyond Balkan beats.”
De Duitser noemt zichzelf liever ‘Europees muzikant’. “Ik heb een pro-Europese boodschap. Niet in politieke, maar culturele zin. Europa is een lappendeken. Voeg die kleuren bij elkaar, samen ben je mooier en creatiever.” Shantel ziet Europa veranderen; het westen inspireert niet langer het oosten, maar andersom. “Wenen, Berlijn, Istanbul zijn de nieuwe hotspots.”
Wat stijl en succes betreft ging de Bosnische componist Goran Bregovic, koning van de Balkanpop, Shantel voor. “Bregovic opende de deur voor mij. Al vind ik dat hij is blijven steken bij het cliché van de onstuimige Balkanbruiloft. Ik heb een breder bereik, ook hippe kids luisteren naar mijn muziek. Maar Brego blijft een fenomeen. Deze zomer speelde ik met hem samen in Berlijn, geweldig. ‘Je bent erg belangrijk voor de Balkanjeugd’, zei hij. ‘Je laat hen zien dat hun muziek ook stoer en modern kan zijn’.”
Zijn multiculturele muziek heeft ook een integrerende kracht, denkt Shantel. “Ik sta in de top tien van Turkije en Griekenland én in de hitparades van Frankrijk en Duitsland. Deze muziek kweekt begrip voor andere landen en culturen.”
Waar Bregovic volgens Shantel - met alle respect - vast is komen te zitten in het zigeunergetto doorbreekt hij juist grenzen. “Ik heb het lak aan grenzen en paspoorten.” Neem zijn elfkoppige internationale (blaas)orkest: het Bucovina Club Orkestar, een rondreizend circus met momenteel muzikanten uit Parijs, Belgrado, Boekarest en Berlijn. Maar dat kunnen morgen weer allemaal anderen zijn. “Mijn orkest is als een hotel, vol verschillende nationaliteiten. Iedereen huurt voor een paar dagen een plekje en voegt z’n eigen smaakje toe. Daarna komt er weer iemand anders. Zo blijft het spannend én dynamisch.”
Shantel & Bucovina Club Orkestar, o.a. 21 okt, Tivoli Utrecht, 22 okt 013 Tilburg, 23 okt Paradiso Amsterdam, 24 okt Groene Engel Oss.
vrijdag 16 oktober 2009
Humor om te lachen met Micha Wertheim

‘Humor is het leukst als niet iedereen er om kan lachen.’
door Dieter van den Bergh
Zijn vorige show zorgde voor opschudding. Toch wil de tegendraadse cabaretier Micha Wertheim liever ontroeren dan shockeren. Zo ook in zijn derde programma ‘Micha Wertheim Voor de Grap’, vol waanzinnige logica.
Op je Wikipedia-pagina staat 'Wertheim sloot zijn studie af met een doctoraalscriptie over Frans Kafka onder de titel ‘Wunsch, Indianer zu werden: een onderzoek naar de betekenis van het reismotief in het werk en leven van Kafka’. Is Kafka een absurdistisch inspiratiebron?
“Ik weet echt niet wie die informatie op Wikipedia gezet heeft. Maar het is wel interessant om te merken hoeveel journalisten er over beginnen. Blijkbaar is dat hoe mensen zich op een interview voorbereiden. Even Wikipedia lezen. Ik heb tot mijn tiende alle boeken van Pinkeltje gelezen, maar dat staat niet op Wikipedia. Zowel meneer Dick Laan als Kafka zullen ongetwijfeld ooit invloed op mij hebben gehad. Maar dat is al zo lang geleden. Wat niet weg neemt dat het iedereen natuurlijk vrij staat om mij met Kafka te vergelijken.”
‘Micha Wertheim voor Beginners’ had als uitgangspunt je vermeende arrogantie...
“Mijn eerste theaterprogramma was een parodie op een heel slechte cabaretvoorstelling. Omdat niemand mij nog kende kon ik toen doen alsof ik een totaal over het paard getilde cabaretier was met een ongelooflijk bord voor z’n kop. Het leuke was dat sommige mensen in het publiek niet doorhadden dat het een grap was. ‘Micha Wertheim Voor de Grap’ is hoop ik echt anders. Al zullen er altijd nog mensen zijn die mij maar niets vinden. Ik vind dat op zich helemaal geen probleem. Sterker nog, humor is volgens mij het leukst als niet iedereen er om kan lachen. De slappe lach had je op school ook altijd alleen met een paar mensen, en nooit met de hele klas tegelijk.”
‘Micha Wertheim: dat is toch dat pedante, recalcitrante mannetje met die genadeloos harde grappen?’ Dat is een beetje het beeld dat heerst.
“Dat beeld bestaat geloof ik vooral bij mensen die mij nog nooit hebben zien optreden. Persoonlijk hou ik er van om geraakt te worden als ik naar het theater ga. Theater is wat mij betreft een contactsport. Dus als het mij lukt mijn publiek te raken ben ik blij. Maar het blijft cabaret. De bedoeling is dat er gelachen wordt. Vorig jaar zond de VARA een optreden van mij uit waarin ik een half uur uit eigen ervaring vertelde over wat er gebeurt als je te horen krijgt dat je kanker hebt. Er zijn mensen die dat naar vinden. Die liever niet hebben dat je daar over praat. Die boos opstaan en weglopen.”
Veel mensen denken bij jou aan dat incident in Roermond begin vorig jaar, waarbij een groot deel van het publiek de zaal verliet omdat je een gehandicapte bezoeker zou hebben geschoffeerd. Stoort je dat?
“Het is nooit de bedoeling dat een grap verkeerd begrepen wordt. Maar het is een risico dat je neemt als grappenmaker. In mijn vorige programma zat een stukje waarin ik gehandicapten verweet dat ze zich niet wilden aanpassen aan onze cultuur, waarna ik suggereerde dat ze maar terug moesten naar hun eigen land als het ze hier niet beviel. Door een samenloop van omstandigheden dachten een aantal mensen die avond dat ik er echt zo over denk. Ik vond alle aandacht eerlijk gezegd een beetje overdreven. Als er nu in ieder theater waar ik kwam rellen waren uitgebroken, dan was ik wel aan mijzelf gaan twijfelen. Maar alle andere voorstellingen verliepen heel aangenaam. Die hele rel bevestigde voor mij wel het beeld dat er weinig voor nodig is om in een mediarel terecht te komen. Daar probeer ik in mijn nieuwe programma wel wat over te zeggen omdat die mediarelletjes volgens mij niet geheel ongevaarlijk zijn.”
Hoe vaak moet je wat daar gebeurde nog uitleggen?
“Ongeveer even vaak als ik moet antwoorden op de vraag of ik geïnspireerd ben door Kafka.”
Welke Nederlands cabaretiers zie je zelf graag?
“Zo veel. Van Hans Teeuwen, Theo Maassen en Marc-Marie Huijbregts heb ik veel geleerd. Kees Torn en Katinka Polderman zie ik graag aan het werk. Daniël Arends vind ik onweerstaanbaarder grappig. Maar als ik een tip zou mogen geven dan is het de Belgische zanger en cabaretier Roy Aernouts. Die zouden meer mensen echt moeten gaan zien.”
‘Micha Wertheim Voor de Grap’, 17 oktober, De Kring Roosendaal, 23 oktober De Bussel Oosterhout.
donderdag 8 oktober 2009
vrijdag 2 oktober 2009
donderdag 1 oktober 2009
zaterdag 26 september 2009
Rene van 't Hof: 'Ik ben bloedserieus'

of lees verder hier
René van ’t Hof, getogen in Breda, werd bekend met geestige tv-rollen, maar is daarnaast al jarenlang succesvol toneelacteur. Momenteel speelt hij in ‘Boe! Een spookverhaal voor grote mensen’, een grensverleggend stuk van het RO Theater. Morgen te zien in Chassé.
‘Doe je eigenlijk nog wat?’, vragen ze hem wel ‘s op straat. “Euh, ik sta sinds een jaar of vijfentwintig in het theater en dat doe ik nog steeds”, antwoordt hij dan.
Voor het grote publiek is Réne van ’t Hof nog steeds Kees Flodder. “Ruim twintig jaar geleden heb ik ooit een film gedaan, in een andere wereld”, zegt hij. “Met gigantisch grote gevolgen die ik nooit heb voorzien. Die film verscheen op video, dvd, en blijft maar uitgezonden worden. Dan krijg je dus dit.”
En is het niet Kees Flodder, dan is het wel Fritzi van ‘Jiskefet’, het oude vrouwtje uit ‘Ober’, Eppie uit ‘Alles is Liefde’, desnoods Teun uit ‘Pietje Bell’.
Toch is Van ’t Hof (1956) vooral toneelacteur, en een doorgewinterde ook. Medeoprichter van Carver, gelauwerd bij het Onafhankelijk Toneel. In ‘Boe! Een spookverhaal voor grote mensen’ speelt hij zijn tweede grote rol voor het Rotterdamse RO Theater, na ‘Het Misverstandt’, met John Buijsman, Jack Wouterse en Annet Malherbe. ‘Boe!’ werd geschreven door theatermaker Jetse Batelaan (1978), die naam opbouwde met vernieuwend, vaak absurdistisch theater. In ‘Boe!’ gaat Batelaan nóg een stap verder. Het bijna tekstloze, associatieve verhaal, waarin mime en choreografie een belangrijke rol spelen, is nauwelijks na te vertellen. Wáár het zich afspeelt al helemaal niet. Op het podium staan vier acteurs - Van ’t Hof, Sylvia Poorta, Willemijn Zevenhuijzen en Bram Koopmans - maar in de zaal zitten er nog veel meer. Het publiek speelt - met een koptelefoon op het hoofd - namelijk zelf mee. “Voor mij was dit ook nieuw”, zegt Van ’t Hof. “Voor de repetities hadden we publiek nodig, we hebben mensen opgetrommeld via advertenties. Heel bijzonder.”
Als tv-acteur wordt Van ’t Hof vaak gecast voor opvallende rollen: de excentriekeling, de etter, de slungel, de droogkloot; hij zegt nooit veel, maar dankzij zijn mimiek heeft hij altijd de lach aan zijn kont hangen. Zo ook op toneel: hij hoeft maar op te komen, en de zaal ligt al in een deuk. “Heel vervelend”, vindt de acteur zelf. “Ik ben vaak ook bloedserieus, balanceer op het randje tragisch-komisch, hou van het grensgebied tussen ontroering en de lach ” ‘Boe!’ is ‘vrij serieus’, zegt hij, maar op z’n tijd ook ‘zeer geestig’, al is het vooral de ‘zenuwlach’.
Weinig bekend over Van ’t Hof, geboren in Rotterdam, is dat hij zijn jeugd doorbracht in Breda. Moeder kwam uit Weert, vader uit Rotterdam, dus werd besloten daar tussenin te gaan wonen. Het gezin Van ’t Hof kwam terecht in de wijk Doornbos, aan de Balïendijk. René was vijf. Hij doorliep de Doornbosschool, zat op voetbal bij Advendo en turnde fanatiek bij LIOS (Lenigheid is ons Streven). Hij had toen al een passie voor theater. “Ik was enorm fan van ‘Ja Zuster Nee Zuster’, en idolaat van Leen Jongewaard. Na een geslaagde afscheidsmusical in de zesde klas, waarin hij de hoofdrol van Meester Pennelik vertolkt, weet hij dat hij het theater in wil. Na de havo (het Onze Lieve Vrouwe Lyceum) verhuist Van ‘t Hof in 1976, op zijn negentiende, voor de Mimeschool naar Amsterdam, waar hij sindsdien woont. Maar nog steeds voelt de acteur zich Bredanaar. “Breda is een geweldige stad om op te groeien, al zou ik er nu nooit meer willen wonen. Te benauwd.” Zijn vader overleed al in 1981, zijn moeder vorig jaar, toch zal Van ’t Hof ook de komende jaren nog veel in Breda zijn. Bijvoorbeeld om traditiegetrouw carnaval te vieren met zijn Bredase vrienden. Een groot deel van de carnavalsclub zal morgen ook wel in het Chassé Theater zitten, verwacht hij. Of Van ‘t Hof zal blijven slapen bij vrienden - zoals met carnaval - of met zijn toneelcollega’s terugrijdt naar de Randstad, daar is hij nog niet over uit. Maar de verleiding voor de eerste optie is groot. Erg groot.
‘Boe! Een spookverhaal voor grote mensen’, vrijdag 25 september, Chassé Theater Breda, 20.30u, donderdag 1 oktober Verkadefabriek Den Bosch, 20.30u.
(uit: BN/De Stem 24 september)
woensdag 23 september 2009
Roland Verstappen op Brabantse toer
Zanger/gitarist Roland Verstappen kan in Brabantse ‘liekes’ pas echt zijn gevoel kwijt. Vrijdagavond staat hij in Zaal 16. Lees verder papieren Brabants Dagblad!
maandag 21 september 2009
vrijdag 18 september 2009
vrijdag 11 september 2009
donderdag 10 september 2009
dinsdag 8 september 2009
‘Pulpschrijver’ Thomése naar Zaal 16

P.F. Thomése een klapper op Lowlands? De schrijver van bloedserieuze werken als Schaduwkind? Ja, sinds de geestige ‘pulproman’ en bestseller J. Kessels: The Novel is de auteur, ooit journalist in Tilburg bij Nieuwsblad van het Zuiden, helemaal seks, drugs & rock ’n roll. Eigenlijk is Pieter Frans (1958) dat al sinds zijn ‘schandaalroman’ Wladiwostok! (2007) en zelfs al een beetje sinds Greatest Hits (2001), het moment dat J. Kessels zijn ‘autobiografische’ verhalen binnen kwam lopen. J. Kessels (zie foto!) is zijn echt bestaande ‘holmate’ Jos; de kettingrokende, bleke columnist van het Eindhovens Dagblad en woonachtig in Tilburg-Noord. The Novel is een muzikale, Bukowski-achtige roman, met het doldwaze verslag van een reis naar (de hoerenbuurt van) Hamburg en weer terug. Te beginnen thuis in Tilburg bij Bertje de Braaij en zijn bloedmooie zus Birgit in het Cafetaria Van Vroeger, waar ‘vreeswekkend grote frikadellen (de zogeheten ‘negerlullen’ plaatselijk bekend van de ‘negerlul speciaal’) zich gaar lagen te gillen in het hete frituurvet, waar ook de meisjes heet waren als uitgegaard vlees, waar de vette dampen zwetend neersloegen op de afwasbare witte tegels’. Niet iedere lezer was even blij met de ruige ommezwaai van de schrijver. ‘Moet dat nou?’schreef mevrouw G. Naaijkens uit Goirle, doelend op de overvloedige passages waarin het achterste van Birgit, alias B.B., zo enthousiast wordt bezongen. “In Schaduwkind schreef u de prachtigste zinnen die ik mij kan heugen, dus dan is dit wel enigszins teleurstellend om te moeten lezen.”
[DvdB]
Literaire Salon, 10 september, Zaal 16, 20u, 6 euro.
maandag 7 september 2009
Shantel: Planet Paprika
Shantel & Bucovina Club OrkestarPlanet Paprika
(Essay/Coast to Coast)
Oh nee, wat is dit voor een kleuterpop met kauwgomballensmaak? Het is de natuurlijke eerste reactie bij een liedje van Shantel. Tenminste, als Shantel het liedje zelf zingt. Shantel is namelijk geen groot zanger, sterker nog: Shantel is een zanger van niks. En het gaat nergens over. Op Planet Paprika is het al niet anders. Nee, zijn liedjes komen vaak nauwelijks op gang, ja maar dan, ja maar dan... Dan komt het orkest los, de accordeon, de koperblazers, de zangeressen, en hiermee het kippenvel en de danslust. Het Bucovina Club Orkestar doet de zingende Shantel snel vergeten met haar vlammende Balkanfolk. Hoogtepunten: de oude rembetika-kraker Sura Ke Mastura, Being Authentic en Binaz in Dub. Wie al die muzikanten zijn doet er niet toe, dit is de Stefan Hantelshow. En dat de Duitse dj schaamteloos jat en lustig hergebruikt (zoals clubhit Bucovina), what the hack? Shantel, de Manu Chao van de Balkanpop, swingt als een tiet en grijpt je bij de danskladden.
(DvdB)
(uit: Mixed Magazine)
OMFO: Omnipresence
OMFO
Omnipresence
Borat gebruikte voor zijn film tracks van zijn Trans Balkan Express; het heeft OMFO wat bekendheid geen windeieren gelegd. Net zo min als zijn Shantel-remixen. Voor Omnipresence zocht Our Man from Odessa alias German Popov de inspiratie niet op de Balkan maar in Centraal-Azië en het Midden-Oosten. De reis van de Oekraïense Amsterdammer voert langs onbekende streken als Azerbeidjan, Tajikistan, Turkmenistan en de Oeigoerse regio Sinkiang in China. OMFO maakt relaxte lounge en triphop, dus alles gaat op z’n elfendertigst. De grotendeels instrumentale plaat voert langs loom chantende sjamaans, waterpijplurkende locals, langs woestijnen, bazaars en moskeeën en langs de verschrikkelijke yeti. Exotische, sprookjesachtige tripmuziek die op z’n slechtste momenten doet denken aan restaurant Sultan om de hoek of aan de etno-ambient-van-weleer van Deep Forest, maar die meestal authentiek en swingend genoeg is om ook zonder opiumkuur te blijven boeien. Slechts heel even schrik je op uit je hangmat, als er plots een mitrailleursalvo klinkt in Bhagdub.
(DvdB)
(Uit Mixed Magazine)
RotFront: Emigrantski Raggamuffin

RotFront
Emigrantski Raggamuffin
(Essay/Coast to Coast)
De invloeden variëren van The Clash en Ghetto Boys tot Taraf de Haïdouks en Boney M. Toch is het juist de sterkte van RotFront dat de ‘nonstop diskohits’ op dit langverwachte debuut net niet té melig worden. Nét niet. De Berlijnse groep rond de Oekraïense zanger/gitarist Yuriy ‘RussenDisko’Gurzhy, twee Hongaren, een Amerikaan, een Australiër en vijf Duitsers, maakt in even zoveel talen ‘emigrantski raggamuffin’, ofwel een feestelijke turbomix van Oostblokfolk, (dub)reggae, polka, hiphop, cumbia en punk. En en passant wordt de klezmerton uitgevonden. En dit allemaal met echte instrumenten. Onder andere accordeonist Daniel Khan en de Hongaarse zangeres en actrice Dorka Gryllus maken deel uit van de band. Thema van de songs: het alledaagse leven van een immigrant in metropool Berlijn. Emigrantski Raggamuffin is een pretentieloze feestplaat, lekker voortstoempend op de wodkabeat. Zeker ook live een sensatie, zo wordt beweerd. Voor wie binnenkort naar Berlijn gaat: RotFront is de huisband van Kaffee Burger.
(DvdB)
Uit Mixed Magazine)
zondag 23 augustus 2009
woensdag 22 juli 2009
donderdag 16 juli 2009
dinsdag 7 juli 2009
zondag 5 juli 2009
zaterdag 4 juli 2009
Theaterklucht in het moeras
Absurde klucht in moeras van Wolfslaar
Gezien: ‘Als de nevel optrekt’ van Theatergroep Elysée
Nog te zien: 4, 5, 8 en 9 juli om 20.15u.
Ergens op de grote vlakte woont Het Konijn. Een lief melancholiek konijn dat wanhopig contact zoekt. Liefst met Het Meisje, dat geurt naar vers gemaaid gras terwijl iedereen op de vlakte naar wasbenzine en kaarsvet ruikt. Maar Het Meisje (Anne van Hoof) heeft even geen zin in Het Konijn (Ludo Ansems). Ze wil gaan zwemmen. Of eigenlijk wil ze alleen met een tas vol zwemspullen om haar nek lopen, zoals vroeger. Maar dan wordt ze beroofd van haar zwemspullen door twee broertjes die op safari zijn.
‘Als de nevel optrekt’ van theatergroep Elysée, dat gisteravond onder regie van Carmen van der Elst in première ging, heeft een even geestige als absurdistische inslag. Voor het vijfde jaar op rij streek het Bredase gezelschap neer in Wolfslaar, nu in de natuurtuin van het bezoekerscentrum. Een spannend natuurdecor met echt water, moeras, bos en Teletubbieheuvels. Het decor wordt optimaal benut door de zeven spelers, wat mooie beelden oplevert. Maar ook het spel en de teksten zijn goed uitgewerkt. Een nukkige, overheersende moeder (Marieke van der Heijden) strijkt met haar zonen neer op de vlakte. De communicatie verloopt stroef. Broer 2: ‘Moeder, houdt u wel van ons?’. Moeder: ‘Is dat een strikvraag ofzo?’ Broer 1 tegen broer 2: ‘Hou je wel van mij?’ Broer 2: ‘Wil je de waarheid horen?’ Broer 2: ‘Ligt eraan wat de waarheid is.’ Dat soort logica. Bij het goed gecaste komische duo Riebert Verheugen en John van Riel werkt het op de lachspieren. Broer 1 ergert zich rot. Vooral aan mensen met stomme stemmen of met lelijke namen. Of aan een mens die zich als konijn verkleedt. Laten ze die nou net eentje tegenkomen op de vlakte… Oh ja, verderop doolt ook nog een gehaaste gids rond (Diana Giesbergen) met haar enige toerist (Sander Verschure).
‘Als de nevel optrekt’, over angst voor de werkelijkheid van dolende zielen, kent een eigen logica en zit vol verrassende en droogkomische dialogen. Het stuk is gebaseerd op de theatertekst ‘Niemand in het bijzonder’ van schrijfster Enne Koens (1974) en verdient de komende dagen in de uitvoering van Elysée een groot publiek. Denk wel aan het insmeren. Naast de nadrukkelijk aanwezige kikkers en de vogels behoren ook de moerasmuggen tot de geneugten van het buitentheater. Muggenstiften zijn voorradig.
http://www.theatergroepelysee.nl/
(uit BN/De Stem)
Abonneren op:
Posts (Atom)

















