maandag 27 juni 2011

Dag van de Architectuur Breda

lees verslag BN DeStem

donderdag 23 juni 2011

Festival Boulevard special

lees bijlage Brabants Dagblad

dinsdag 21 juni 2011

Lust van Danshuis Station Zuid

recensie Brabants dagblad







Bronstige lijven, schuldige blikken

‘Lust’ biedt vier bijzondere dansverhalen uit het aardse schijnparadijs van Jeroen Bosch.

door Dieter van den Bergh

Drie zwetende, bronstige vrouwenlijven. Slechts gekleed in kapot gescheurde T-shirts, de lippenstift uitgelopen over de wangen, zelfs over de benen. Ze bewegen machinaal op apocalyptische soundscapes. Met horten en stoten geven ze zich over aan de zonde: de lust. De blikken de ene keer zwoel en geil, dan weer angstig en schuldig. Het zijn beklemmende beelden vanaf het kruispunt van aarde, hemel en hel uit een choreografie van Jesus de Vega. Het stuk maakt deel uit van het vierluik ‘Lust’ van het Tilburgse Danshuis Station Zuid, dat afgelopen weekend in het fraaie Mobiele Danshuis - onder grote belangstelling - in première ging op Festival Mundial, co-producent van de voorstelling.
Vier internationale choreografen lieten zich steeds met drie eveneens internationale dansers inspireren door het wereldberoemde laatmiddeleeuwse drieluik ‘Tuin der Lusten’ van de Bossche schilder Jeroen Bosch: De Vega uit Spanje, Taïgué Ahmed uit Tsjaad en Einat Tuchman en Itamar Serussi uit Israël.
‘Tuin der Lusten’ is op velerlei wijze interpreteerbaar. Het schilderij levert dan ook vier uiteenlopende dansverhalen op. De deels (multinationaal) gesproken en gezongen voorstelling van Tuchman begint licht onbehaaglijk, dicht op de huid: de dansers kijken aapjes in het publiek en keuren de toeschouwers: ‘wat een leuk kapsel heb je’, ‘je ouders zullen wel trots zijn op je jukbeenderen’. Langzaam slaan hun sierlijke bewegingen en tongen op hol en transformeren de dansers in barbaarse dierlijke wezens, soms ineen verstrengeld. Na de vervreemdende finale - een technobrij van geluid - wordt er gezongen, samen met het publiek: ‘We are golden/Caught in the devil’s bargain/And we’ve got to get ourselves/back to the garden’.
De Afrikaanse ex-vluchteling Ahmed, speciaal uitgenodigd door Mundial, laat zijn dansers bepakt met takjes en blaadjes opdraven in een kleurrijk, mystiek decor met elementen uit de Tuin, zoals een reusachtig ei en een cocon.
Meest swingende en krachtige choreografie biedt Serussi, die zelfs uitnodigt tot meebewegen. Bosch raakt wat op de achtergrond, het gaat hier vooral om pure dans om de dans. Op een steeds opzwepender wordende dancemix zoeken twee vrouwen en een man in zwempakken toenadering. Een orgastische dansclimax volgt, en een kort moment van synchrone bezinning. De snelle voorstelling biedt een ultieme symbiose van krachtige dans en muziek, gecomponeerd door Richard van Kruysdijk, die bij dit boeiende vierluik een ijzersterke soundtrack componeerde.

Gezien: ‘Lust’ van Danshuis Station Zuid, Festival Mundial, 18 en 19 juni. Nog te zien o.a. 24 juni Vondelpark Amsterdam, 11-14 augustus Boulevard Den Bosch, 28-30 augustus Middelburg.

maandag 20 juni 2011

vrijdag 3 juni 2011

Wervelwind Jandino Asporaat


lees interview UITgids BN DeStem


Caribische wervelwind

De energieke stand-up comedian Jandino Asporaat (Willemstad Curaçao, 1981) lijkt soms op een Antilliaanse versie van opgewonden standjes als Bart Chabot en Pierre Wind. Met één verschil: Jandino is scherp en grappig. “Als ik geen tijd heb om na te denken, presteer ik het best.”

door Dieter van den Bergh

“Ik werkte in Rotterdam als schilder in de bouw en speelde amateurtoneel. Ik had helemaal niets met Nederlands cabaret, ben opgegroeid met zwarte komedie uit Amerika, zoals Eddie Murphy. Iemand zei: jij bent grappig, je moet met Cameretten mee doen. Drie maanden voor Cameretten ben ik me pas met cabaret bezig gaan houden. Voor ik er erg in had stond ik in de finale voor een uitverkocht Luxor-theater. Zo simpel is het dus blijkbaar.”
Het verhaal van de vliegende start van Jandino Asporaat in een notendop. De Rotterdams/Antilliaanse comedian, die op zijn elfde naar Nederland kwam, werd in 2005 tweede op Cameretten en won de persoonlijkheidsprijs, waarna het balletje snel ging rollen. Sinds 2007 is hij lid van Comedytrain, hij vormt met collega’s Roué Verveer, Howard Komproe en Murth Mossel het Caribbean Combo en is veel te zien op tv, onder meer met het succesvolle Comedy at Work.
Met zijn derde soloprogramma Laat ze maar komen staat Asporaat op 4 juni in het Chassé in Breda.

Laat ze maar komen, wie?
“Ik moest lang geleden al een titel verzinnen. Met deze zat ik altijd goed, want breed invulbaar Laat ze maar komen: de Antillianen, de Polen, het publiek, de succesnummers.”

Niet ‘de kinderen’? Je bent pas vader geworden…
“Nee, één is voorlopig genoeg.”

Het vaderschap staat centraal in je voorstelling.
“Eerst ging het over vader worden. Zei ik: ‘dames en heren, ik word vader, wat moet ik doen, ik heb geen flauw idee’. Nu is het ‘dames en heren, ik ben vader, wat moet ik doen, ik heb geen flauw idee’. Ik vraag het publiek om advies.”

Kun je het vaderschap er nog wel bij hebben, als ‘hardst werkende Antilliaan’?
“Ja hoor. Wil je mijn rooster van vandaag weten? Ik ben om zes uur opgestaan voor de nachtvoeding van mijn zoontje Elijah. Daarna weer gaan slapen tot half tien. Weer voor de baby gezorgd, daarna naar mijn kantoor gegaan om te werken aan een nieuwe tv-show, daarna weer voor Elijah gezorgd, en nu zit ik in de auto naar Lelystad waar ik vanavond optreed.”

Je kickt op die rush.
“Absoluut. Als ik geen tijd heb om na te denken, presteer ik het best. Een kwartier voor de voorstelling ga ik altijd een minuut of tien douchen. Ik heb daarna nog vijf minuten om mijn pak aan te trekken en alles klaar te zetten. Ik vind het heerlijk om in een rush het podium op te lopen. In tegenstelling tot mijn technicus en regisseur, die worden er gek van. Dat mijn show altijd uitloopt vinden ze ook niet leuk. Officieel staat er anderhalf uur voor, maar hij duurt vaak een uur langer omdat ik zo veel met het publiek ouwehoer.”

‘13 Procent van de Antillianen schijnt gevaarlijk te zijn’, zeg je in een sketch, ‘dat betekent dat 87 procent thuiszit, een uitkering ontvangt en helemaal niemand lastig valt’. Goed gevoel voor zelfspot.
“Antillianen houden van zelfspot, maar het is niet typisch Antilliaans. Het komt voort uit een underdogpositie. Toon Hermans kwam uit het zuiden, en had dat ook. Daar hadden ze het ook niet breed en kampten ook met een minderwaardigheidsgevoel. Voor de underdog is zelfspot de beste redding.”

Een dag na Breda sta je in Carré, tijdens een tribute voor de Surinaamse volksheld Wesje, die in april omkwam bij een auto-ongeluk.
“Ik vind het verschrikkelijk wat er met Wesje gebeurd is, hij was de nummer één-comedian van Suriname. Maar ik vind het ook erg tof om als eerste Antilliaan ooit in Carré te staan.”

Je kunt ook aardig zingen, je zong zelfs met Mariah Carey. Hoe zit dat?
“Ze was in Nederland en zocht zangers. Ik heb twee show meegedaan, daarna nooit meer iets van haar gehoord, helaas. Ach, ik kan wel een noot aanhalen, maar vind mezelf geen briljante zanger. Mensen waarderen mijn stem. Als ik een lied zing over mijn kind of over mijn overleden stiefmoeder, dan zie ik mensen huilen in de zaal.”

Deze zomer begin je met je eigen tv-programma, De Dino Show. Wat is het?
“Een late night-achtige comedyshow naar Amerikaans voorbeeld, voortgekomen uit Comedy at Work. Bekende Nederlanders zijn te gast, er zijn sketches, de insteek is humor.”

Jörgen Raymann krijgt er serieuze concurrentie bij.
“Ik zie het niet als concurrentie, en hij ook niet. Ik heb veel voor Jörgen gewerkt, en nu steunt hij mij. Hij komt vanavond nog kijken. Weet je, er zijn zoveel blanke tv-shows in Nederland, daar tegenover staat slechts één neger. Juist op de Hollandse buis moet toch wel ruimte zijn voor twee negers?”

Laat ze maar komen, Jandino Asporaat, zaterdag 4 juni Chassé Theater, 20.30 uur.







zondag 29 mei 2011

Roué Verveer zegt wat je denkt


lees interview Brabants Dagblad










‘Ik zeg wat jij denkt’

Roué Verveer is niet grof, toch grappig. Vrijdag staat de populaire Surinaamse cabaretier in Midi.

door Dieter van den Bergh

Zes weken was hij wegens stembandproblemen uit de roulatie en moest zijn shows verschuiven. Na een ingreep is cabaretier Roué Verveer terug. Heel veel praten is nu het devies, om de spieren in vorm te houden. “Da’s niet zo moeilijk voor een Surinamer”, lacht de charmante 38-jarige Amsterdammer, en legt meteen de kern van de Surinaamse humor bloot: zelfspot. “We lachen het hardst om onszelf.”
Verveer, geboren in Paramaribo, kwam in 1999 naar Nederland. Een jaar eerder werd hij in Suriname tijdens een talentenjacht toevalligerwijs ontdekt door comedygezelschap FreshWagon met Najib Amhali, Eric van Sauers, Murth Mossel en Howard Komproe. Verveer werd lid van Comedytrain en maakte vijf soloprogramma’s. Tegenwoordig staat hij vaak voor uitverkochte zalen, voor een gemengd publiek.
In zijn laatste show, Mans Genoeg, genomineerd voor cabaretprijs Neerlands Hoop, is Verveer zichzelf en vertelt over ‘dingen waar je normaal niet over praat’. Centraal staat de moderne man/vrouwverhouding. “Wanneer ben ik een echte man? Als ik huil, of juist niet? Als ik financieel de baas ben, of juist niet? Als ik staand plas, of zittend?”











Na twee seizoenen kan hij wel zeggen dat Mans Genoeg ‘pijnlijk herkenbaar’ is voor veel mensen. “ ‘Als ik dit had geweten, had ik mijn vrouw thuisgelaten’, hoor ik wel eens, of juist ‘dan had ik haar meegenomen’. Ik zeg dingen die jij alleen durft te denken.” Moraal van het verhaal, verklapt Verveer: “Allen de vrouw bepaalt wat een échte man is.”
Roué Verveer is geen Hans Teeuwen. “Ik ben nooit grof in de mond. Durf het niet, en ben zo niet opgevoed. Als kind kon ik niet eens ‘shit’ zeggen in het bijzijn van mijn ouders, want dat werd niet getolereerd. Nu zou ik me schamen op het podium, mijn vader en moeder zouden in de zaal kunnen zitten. Laatst zei een bezoekster tegen mij: ‘weet je wat ik zo bijzonder aan jou vindt? Jij bent niet grof’. Blijkbaar val je dan op in het Nederlandse cabaret.”
Niet alleen in Nederland is Roué Verveer een rijzende cabaretster, ook in Suriname, al moet hij Jörgen Raymann en Wesje qua populariteit voor laten gaan. Wesje (Stephen Westmaas), die altijd in Suriname bleef wonen, zou twee weken geleden in Midi in Tilburg optreden, tijdens een tournee die mede door Verveer was geïnitieerd. Maar op 23 april sloeg het noodlot toe: Westmaas kwam bij een auto-ongeluk in Suriname om het leven. Hij werd 39 jaar. Een nationale tragedie voor Suriname, aldus Verveer, die een bevriende collega verloor. Op 5 juni is er een tribute voor Wesje in Carré, met Verveer en andere bekende Surinamers.

Nog een andere, minder tragische speling van het lot: vrijdag treedt ook Jörgen Raymann op in Tilburg, in de schouwburg. Waarom we niet naar hem, maar naar Verveer moeten? “Heel simpel”, gniffelt de cabaretier. “Ik speel mijn voorstelling nog maar vier keer, daarna nooit meer.”

‘Mans Genoeg’ van Roué Verveer, 27 mei, 20.30uur, Midi Theater Tilburg.




dinsdag 24 mei 2011

Cultblogtip! Gipsyfest Tilburg


lees verder

Geen daden maar woorden


lees verslag Brabants Dagblad











Racen van schrijver naar schrijver op GDMW

door Dieter van den Bergh

DEN BOSCH “Lieve mensen, zet uw telefoon tijdens de voorstelling niet uit, maar op stil, zodat u heftig kunt twitteren. Dit is namelijk een vet hip feest, we gaan een trending topic worden!” De welkomstwoorden van presentator en jonge schrijver Oscar Kocken waren zaterdagavond weliswaar niet helemaal ironieloos, maar de kern is waar: Geen Daden Maar Woorden (GDMW), door het Rotterdamse Passionate Bulkboek georganiseerd in de Verkadefabriek in Den Bosch, wil een snel en fris literatuurfestijn zijn en vooral niemand in slaap sussen. In de praktijk betekent dit in sneltreinvaart zappen tussen ultrakorte performances op het snijvlak van literatuur, muziek, poëzie, dans, theater en film.
In amper drie uur trok een bonte stoet van rockende dichters, poëtische dansers en dichtende zangers voorbij. Een overdaad aan cultuur in tijden van verschraling, die de bezoeker met een luxeprobleem opzadelde; waar ga ik naar toe? Wie koos voor de première van Interzone, de prachtig gefilmde onorthodoxe documentaire over het (andere) leven van Bart Chabot (in bijzijn van de geportretteerde), liep de poëtische dans van Scapino Ballet en de lezingen van literaire kanonnen als Marcel Möring en David ‘Congo’ van Reybrouck mis. Net als It Folds Into, een knappe en ontroerende collage van spraaksamples en muziek van Tom America en live (geprojecteerd) knip- en plakwerk met tegelijkertijd (!) fluwelen zang van kunstenares Klaske Oenema.
Het was dringen bij dichteres Vrouwkje Tuinman en het mini-concert van Claw Boys Claw. De tot duo uitgedunde rockband zette Jongeling deel 2 van Remco Campert en Iemand die ik liever mis van Tuinman op integere wijze op muziek. “Wat voor jullie liedjes zijn, zijn voor ons gedichten, besef dat wel!” sprak de nog immer prettig ontregelende ruige zanger Peter te Bos het publiek quasi-vermanend toe.
De Bossche stadschroniqueur Eric Alink schreef een verhaal over zijn onlangs overleden vriend, de fotograaf Joep Lennarts, terwijl het juist schuddebuiken was bij volksdichter en gegarandeerd succesnummer Nico Dijkshoorn. Speciale gast P.F. Thomése droeg heerlijk droog voor uit zijn vettige pulproman J. Kessels The Novel, gevolgd door een stukje live soundtrack van Dijkshoorn, de bluesrocker. Even hilarisch en droogkomisch, maar niet per se altijd zo bedoeld, is de nuchtere Groningse Friese muzikant/schrijver Meindert Talma. Op een Duits orgeltje en Japans synthesizertje bracht hij gedichten over voetballers met baarden en foute Duitse orgelmuziek uit zijn bundel Laat het orgel jammeren muzikaal tot leven. “Eigenlijk is dit gewoon een liedje”, verontschuldigde hij zich bij zijn gedicht De Stadskabouter, “maar dat mag tegenwoordig in de poëzie, toch?”
Alles kan en mag, zo liet ook graadmeter van het literatuurklimaat GDMW zien met een sterk programma. Zo sterk, dat het best over een halve dag meer uitgesmeerd had kunnen worden, in plaats van in één kort avondje gepropt. In dit tempo was het voor de bezoeker én schrijver vaak niet bij te benen. “Niet klappen alsjeblieft”, sprak Kees van Kooten aan het einde van de avond tot zijn publiek, “dat gaat allemaal van onze tijd af.” Om vervolgens in razend tempo zijn korte schrijnend-humoristische verhalen te hervatten.


Gezien: Geen Daden Maar Woorden, zaterdag 21 mei Verkadefabriek Den Bosch

maandag 16 mei 2011

Geen daden maar woorden: interview Nico Dijkshoorn

lees verder hier










Een beetje meer vermaak alsjeblieft

Nico Dijkshoorn is vaandeldrager van de Nederlandse rock ’n roll-literatuur. Zaterdag staat hij met band op festival Geen Daden Maar Woorden. Speciale gast: Frans Thomése.


door Dieter van den Bergh

DEN BOSCH Het verhaal is bekend. Grijze bibliothecaris uit Amstelveen werkt zich rond zijn veertigste vanuit het niets op tot bekende columnist, dichter, schrijver en - dankzij De Wereld Draait Door - tot tv-persoonlijkheid. Nico Dijkshoorn is de naam, geboren in 1960 in een Amsterdams arbeidersgezin.
Sonore stem, venijnige, absurdistische humor, cynisch tot op het bot: je vindt hem geweldig of kunt hem wel schieten. De meningen over de vingervlugge freestyle-poëet Nico Dijkshoorn lopen sterk uiteen. Vast staat dat hij de vaandeldrager is van de huidige Nederlandse ‘rock ’n roll-literatuur’, of literaire rock ’n roll, want alsof het nog niet genoeg is, is de schrijver ook nog ’s gedreven muzikant in de driekoppige funksoulbluesband The Hank Five.
Komende zaterdag staat hij als schrijver en rocker op het muzikale literatuurfestival Geen Daden Maar Woorden in de Bossche Verkadefabriek. Wat hij gaat doen? “In elk geval voorlezen uit mijn nieuwe bundel. Zeker het verhaal waarin ik met mijn held Lou Reed het Verkeerspark in Assen bezoek. Daarna zetten we met The Hank Five keihard Rock and Roll van de Velvet Underground in.”
Speciale gast is schrijver en oud-Nieuwsblad van het Zuiden-journalist P.F. Thomése. Bij zijn hilarische Brabantse ‘pulproman’J. Kessels: The Novel schreef Dijkshoorn een bescheiden soundtrack. “Frans en ik kunnen het goed vinden. Hebben allebei een fascinatie voor Chinese restaurants en een voorliefde voor dezelfde muziek; obscure country en blues.” J. Kessels: The Novel vindt de Amsterdammer ‘oprecht geniaal’. “Een paar mannen in een auto on the road to nowhere luisterend naar country; veel beter wordt het leven niet. Zijn Schaduwkind is een van de ontroerendste boeken die ik ken, J. Kessels de grappigste.”
Samen ‘lekker jongensachtig’ doen op een (pop)podium is toch prettiger dan voorlezen in - met alle respect - parochiezaaltjes of bibliotheken, vindt Dijkshoorn. Gooit hij met zijn rauwe rock ’n roll-performances bewust de knuppel in het literaire hoenderhok? “Absoluut niet. Ik heb geen missie of pretenties, het is zo gegroeid. Voor sommige mensen voelt het alsof Maarten ’t Hart plotseling een rockgitaar vastpakt. Maar het is geen gimmick, ik speel al 25 jaar in een band, dus heel vanzelfsprekend. Een half uur voorlezen, pauze, weer een half uur voorlezen en dan signeren; dat is gewoon niet mijn idee van een leuke avond. Schrijvers mogen best een beetje entertainen.”
Op literatuurfestivals is tegenwoordig misschien meer mogelijk, maar is het nog lang niet rock ’n roll genoeg, vindt Dijkshoorn. “Ik was laatst in Tilburg op een ‘literair feest’, daar lukte het een Vasalis-biografe om binnen een half uur de zaal in slaap te lullen. Als mensen voor je betalen, kun je als schrijver niet in jezelf gekeerd gaan staan mompelen in een microfoon. Er moet wel wat gebeuren.”
Zoals bij performances van zijn helden Gerard Reve, Jules Deelder, Cees Buddingh’ en zeker bij Johnny van Doorn. “Schrijvers met een stem, letterlijk. Ik heb het daar wel een beetje van afgekeken. Ik zet geen raar stemmetje op ofzo, maar praat iets donkerder. Dat werkt.”
Nico Dijkshoorn, dat wordt een avondje lachen, denken veel mensen. Maar de schrijver kan behalve ‘schijtlollig’ zijn ook ontroeren. Zo werkt hij momenteel aan een roman over zijn vader. “Hij is dement en zit al jaren in een gesloten inrichting. Toch voel ik daar niet heel veel bij. In het boek, een soort familiekroniek, ben ik aan het onderzoeken hoe dat zit.”



Geen Daden Maar Woorden
Zaterdag 21 mei, Verkadefabriek Den Bosch, vanaf 19.30u.


*Zesde editie van festival met auteurs, dichters, theatervoorstellingen, concerten, films en onverwachte gastoptredens.
*Met een kaartje à 18 euro kun je alle zalen in en uit lopen.
*De aftrap vindt plaats met de première van Interzone, het filmportret dat regisseur Jeroen S. Rozendaal maakte over schrijver/dichter Bart Chabot.
*Er zijn optredens van onder meer de schrijvers/dichters Nico Dijkshoorn. P.F. Thomése, Kees van Kooten, David van Reybrouck (schrijver van het bekroonde Congo), Thomas van Aalten, Vrouwkje Tuinman, Marcel Möring en Christine Otten.
*Muziek is er van onder meer Claw Boys Claw, Meindert Talma, Tom America en Lilian Hak, theater van MATZER en dans van het Scapino Ballet.
Alle info: www.gdmw.nl

zaterdag 7 mei 2011

Eva van de Wijdeven geeft zich bloot


lees interview BN DeStem





‘Een beetje bloot hoort erbij’

De van oorsprong Tilburgse Eva van de Wijdeven (Goirle, 1985) is de coming star van de Nederlandse theater- en filmwereld. Vrijdag 6 mei komt ze met Alex van Warmerdams droogkomische Bij het Kanaal naar Links naar Breda.

Door Dieter van den Bergh

Op 16-jarige leeftijd breekt Eva van de Wijdeven door dankzij de multi-culti-tv-hit Dunya en Desie. Ook speelt de Brabantse, ongeschoold in film en theater, in dramaserie Vuurzee, bij gerenommeerde theatergezelschappen als De Paardenkathedraal en Het Nationale Toneel (Tirza), en in de film De Laatste Dagen van Emma Blank van Alex van Warmerdam. Momenteel schittert Van de Wijdeven als Eva in de (vooral onder jongeren) populaire dramaserie A’dam - E.V.A. en speelt ze in Van Warmerdams Vlaams/Nederlandse toneelstuk Bij het Kanaal naar Links, met verder Pierre Bokma, Aat Ceelen en Annet Malherbe.
Van de Wijdeven had een relatie met acteur Tygo Gernandt, die breed werd uitgemeten in de (roddel)pers. Zeker toen deze stukliep.

Van RTL Boulevard naar Nationale Toneel, van A’dam - E.V.A. naar Van Warmerdam.
“Van commercieel en toegankelijk naar high culture, bedoel je, haha. Ja, het overkomt je. De aandacht voor mijn relatie met Tygo overviel me, dan ga je daar in mee, al weet ik niet of dat zo verstandig was. Maar wat betreft rollen ga ik toch voor kwaliteit.”

Hoe kom je terecht in een toneelstuk van Alex van Warmerdam?
“Hij zocht een jonge actrice, en we kenden elkaar van Emma Blank. Op de set klikte het goed, ook professioneel. Blijkbaar heeft hij vertrouwen in mij. Je kunt het slechter treffen: als de mensen weten dat Alex een nieuw stuk heeft gemaakt, rennen ze naar het theater, waardoor ik nu voor uitverkochte zalen staat.”

En naast Pierre Bokma.
“Ja, fantastisch om met hem te werken. Maar ik zou net zo zenuwachtig zijn als het een onbekend iemand was geweest. Op het toneel ben je collega’s en moet je allemaal keihard werken om zo’n stuk tot z’n recht te laten komen.”

Waar gaat het over?
“Je moet het weten, maar het speelt zich af in de verre toekomst, zeg het jaar 2300. De wereld is raciaal compleet gemixt, er zijn nog maar een paar blanke families over. Uitgerekend deze families maken ruzie met elkaar en hebben tamelijk enge ideeën.”

Commentaar op de huidige ‘verwildering’ in de samenleving?
“Dat moet je Alex vragen. Ik vind het een mooi en realistisch scenario. Dat er uit allerlei nationaliteiten één soort ‘nationaliteit’ ontstaat, is niet ondenkbaar. Ikzelf ben ook gemixt: mijn moeder is Javaans, en ik heb ook nog Moluks en Portugees bloed. Maar ben toch oer-Hollands.”

Je flaneert rond in bikini en laat je graag insmeren door de zoon van de rivaliserende familie.
“Ik doe meer dan flaneren! Het is een ensemblestuk, iedereen heeft een vergelijkbare tekstrol.”

Je geeft je gemakkelijk bloot, zo lijkt het. Figuurlijk, maar ook letterlijk. In Vuurzee, A’dam - E.V.A. en Emma Blank, en nu ben je zelfs de hele voorstelling halfbloot. Functioneel naakt?
“Ja. Als het klopt in het verhaal heb ik er geen moeite mee. Ik denk heus niet: hupsakee, ik trek mijn broek maar weer ’s uit. Maar ik merk wel dat naar mate ik meer ervaring heb, het bespreekbaarder en makkelijker wordt. Het hoort er soms ook gewoon bij.”

In een interview met het AD zei je vorig jaar dat je in een zwart gat zat omdat je geen rollen meer kreeg. Dat is nu nauwelijks voor te stellen, je bent alom aanwezig.
“Ik heb gezegd dat ik in een dipje zat, maar dat is er overdreven uitgelicht. De opnames van A’dam - E.V.A. zaten erop en ik had opeens geen werk. Andere meiden pakten de rollen. Ik ben me toen erg bewust geworden dat het zo afgelopen kan zijn als actrice. Een carrière met de garantie van twaalf maanden werk per jaar bestaat niet. Het blijft een onzeker bestaan.”

Weet je al wat je hierna gaat doen?
“Ja, spelen in de theaterversie van Who’s Afraid of Virginia Woolf [naast Linda van Dyck, Victor Löw en Mohammed Azaay - red]. En het zou heel gaaf zijn als er een tweede deel komt van A’dam - E.V.A., een heel bijzondere serie. We zien wel, ik ben nu 26 en in elk geval wel klaar met de puberrollen.”

Bij het Kanaal naar Links, Orkater & De Mexicaanse Hond, vrijdag 6 mei Chassé Theater Breda. Ook: 14 mei Tilburg en 19 mei Dordrecht.

Banabila & Vloeimans

lees verder hier

vrijdag 6 mei 2011

donderdag 5 mei 2011

dinsdag 3 mei 2011

Djordji Ferari in town














‘Dames, hou uw handtasje vast!’

(BN DeStem 28-04)
Zigeunerband Djordji Ferari Orkestar brengt straffe ‘Balkan beats’, maar is niet wat het lijkt. Op dinsdag 3 mei doet de ontregelende gelegenheidsgroep tijdens hun eerste tournee Oosterhout aan.

door Dieter van den Bergh

‘Wij zijn volk van Rom, jullie noemen dat zigeuners. Wij zijn altijd onderweg, op zoek naar onze vleugels, die wij vroeger hadden toen wij nog vogels waren en wij konden vliegen’. In een internetfilmpje geeft Balkanzigeuner Djordji Ferari op hartverscheurende blues van de Servische zigeunerkoning Saban Bajramovic een stukje voorlichting over zijn geplaagde volk. Natuurlijk bestaat Djordji Ferari helemaal niet. Het is een typetje van Joost Spijkers (Melick 1977), bekend van de muzikale en fysieke cabaretgroep Ashton Brothers.

De fictieve Roma-familie Ferari en hun ‘Orkestar’ staan centraal in de voorstelling Tsi Tsi Tsigane, geregisseerd door Caspar Nieuwenhuis op teksten van Justus van Oel en Don Duyns. De ontregelende muziektheatershow was in 2007 de hit op het Oerol Festival. “Als we ooit de kans krijgen om dit in het theater te doen, dachten we toen, dan pakken we die met beide handen aan”, zegt Joost Spijkers. Vier jaar later konden de spelers zich vrijmaken, en toert het Djordji Ferari Orkestar door Nederland. Naast zanger/muzikant/acteur Spijkers bestaat het ‘zigeunerorkest’ uit onder meer zangeres en actrice Audrey Bolder en de muzikanten Ro Krauss en Sanne van Delft van De Wereldband en Sietse van Gorkom uit de band van Kyteman. Ook acteur en trompettist Hans Dagelet speelt een rol, al is hij niet lijfelijk aanwezig. Als de oude, licht ontvlambare godfather Petalo Ferari spreekt hij zijn familie vanaf video toe. “Het was te zwaar voor hem om mee te komen naar Nederland”, licht Spijkers toe. “Hij zit nog thuis, in het grensgebied van Roemenië en Servië.”

Het is de liefde voor Balkanmuziek die de orkestleden bindt. Voor Spijkers is de voorstelling ‘een droom die uitkomt’. Van kinds af aan is hij gegrepen door de taal, de muziek, de cultuur van de Balkan. Hij groeide er mee op; zijn stiefmoeder komt uit Sarajevo. “We gingen als kind op vakantie naar voormalig Joegoslavië. De zigeuners die daar op straat bedelden door muziek te spelen, maakten veel indruk. Van een Bosnische tante kreeg ik een plaatje met zigeunermuziek.” Nu gaat Spijkers met zijn eigen kinderen ieder jaar op vakantie naar Bosnië en Kroatië. Want ook zijn vrouw, de danseres en choreografe Iva Lesic, is Bosnisch. In de loop der jaren heeft hij de taal leren spreken, wat hem in Tsi Tsi Tsigane goed van pas komt. “Het Rom, de zigeunertaal, is lastiger. Daar is geen schrift van.”

De familie Ferari is geïnspireerd op de kleurrijke figuren uit de hilarische zigeunerfilms van de Bosnisch-Servische regisseur Emir Kusturica, zoals Time of the Gypsies, Underground en Black Cat, White Cat, deels opgenomen aan de Donau in Servië. “Ik ben daar veel geweest. Wat je in die films ziet, lijkt veel groter dan de werkelijkheid. (lachend:) Ik kan je vertellen: in werkelijkheid is het nog veel erger.”

Het publiek wordt gewaarschuwd: ‘Dames, houdt uw handtasjes vast!’. Want zigeuners stelen als de neten. Ze dragen allemaal gouden kettingen, en de muziek loopt, net als de wodka, door hun aderen. In de penozefamilie Ferari komen alle vooroordelen en (romantische) clichés over zigeuners samen. “De clichés zijn gewoon voor een deel waar”, zegt Spijkers. Maar het is niet de bedoeling om de zigeuners te kakken zetten. “Zoni Weisz, een belangrijke vertegenwoordiger van de Roma en Sinti is naar de voorstelling komen kijken. Hij was vol lof.”
Zie het als mix van parodie en eerbetoon, zegt de cabaretier. “We maken de voorstelling uit liefde. Voor de muziek en de cultuur.”

In Tsi Tsi Tsigane zitten ook verwijzingen naar de actualiteit. ‘Mede mogelijk gemaakt door de PVV’, meldt een reclamespotje voor de tournee, terwijl er kort een NSB-poster in beeld verschijnt met de tekst: ‘Wat wilt gij: vrijheid of knechtschap?’. Ook wordt verwezen naar de huidige ‘deportatie’ van zigeuners uit West-Europa. De opportunistische Djordji richt een reisbureau op voor zigeuners die zich in Frankrijk willen vestigen, en runt tegelijkertijd een transportdienst om diezelfde zigeuners weer terug naar huis te brengen. “De grenzen zijn open, dus de zigeuners gaan komen, dat kun je niet tegenhouden. Je moet ze niet proberen in een hokje te stoppen, ze zijn vrij als vogels. Ze worden nu Frankrijk uitgezet, maar zijn binnen no time weer terug.”

Joost Spijkers krijgt geen genoeg van de Balkanmuziek, dus een vervolg ziet hij wel zitten, liefst in samenwerking met de Ashton Brothers. “Eerst om half negen de Ashtons, dan om half elf de after party met het Ferari Orkestar. Volgend seizoen in het theater, als het aan mij ligt.”

Tsi Tsi Tsigane, dinsdag 3 mei De Bussel Oosterhout, 20.15u. Met na afloop muzikale wodkaworkshop. www.tsitsi.nl

maandag 2 mei 2011

Wailers op Bevrijdingsfestival

lees Brabants Dagblad








Iconen van de rootsreggae

The Original Wailers, met twee oud-collega’s van Bob Marley, zijn de hoofdact van het Bossche Bevrijdingsfestival.


door Dieter van den Bergh

Hij zou nu de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, reggaekoning Bob Marley. En had misschien nog wel op het podium gestaan, net als zijn oud-bandleden Junior Marvin en Al Anderson, die donderdag het Noord Zuid Bevrijdingsfestival afsluiten.
Het mocht niet zo zijn, Marley (1945) overleed in 1981, op amper 36-jarige leeftijd. Op 11 mei is het dertig jaar geleden. Drie decennia later dragen enkele muzikanten uit zijn begeleidingsband The Wailers zijn geest nog altijd mee op het podium: de Amerikaanse gitarist Al Anderson (1950) en de Jamaicaanse gitarist/zanger Junior Marvin (1947). Beiden hebben het grootste deel van de hoogtijdagen van The Wailers meegemaakt: van 1974 tot 1981. Sinds een paar jaar toeren ze - naast een andere groep die zich ‘The Wailers’ noemt met oud-Marley-bassist Aston Barrett - als The Original Wailers de wereld rond met een energieke show, waarin ze klassiekers als Stir It Up, Could You Be Loved en Three Little Birds combineren met nieuw werk. De vredelievende boodschap achter hun rocky rootsreggae is onveranderd: ‘One love, one heart, let’s get together and feel all right’.
Marley en The Wailers maakten de reggae tot een wereldwijd populaire muziekstroming en verkochten tussen de 100 en 250 miljoen albums. Maar daar zag het aanvankelijk helemaal niet naar uit. Platenbaas Chris Blackwell van Island Records bood The Wailers in 1972 vierduizend pond om een plaat op te nemen. Voor het eerst in de geschiedenis kreeg een reggaeband een contract van een majorlabel. Maar het internationale debuut Catch a Fire werd met vijftienduizend verkochte exemplaren geen groot succes. In 1973 werd Burnin’ uitgebracht, dankzij de hits I Shot The Sheriff en het protestlied Get Up, Stand Up een groter succes. In 1974 volgde de grote doorbraak met Natty Dread, met hun eerste internationale hitsingle No Woman, No Cry. Peter Tosh en Bunny ‘Wailer’ Livingston hadden op het album plaats gemaakt voor onder meer Rita Marley en Al Anderson, bekend van sessiewerk met James Brown, Stevie Wonder en The Rolling Stones. Mede dankzij Andersons rauwe gitaarwerk trok de reggae voor het eerst ook de aandacht van veel rock- en popliefhebbers.
In 1977 sloot zanger/gitarist Junior Marvin zich aan bij The Wailers. Exodus, door Time Magazine uitgeroepen tot beste album van de 20e eeuw, was de eerste plaat waarop hij meespeelde.
Exodus, met onder meer One Love, was ook de eerste plaat die RasDré ooit kocht, en die zijn leven drastisch beïnvloedde. Met Sista Taki vormt de deejay sinds 1993 het Tilburgse sound system UnitedSounds, dat het Bevrijdingsfestival na de Original Wailers af mag sluiten met de betere rootsreggae en dancehall. Zonder Exodus en zijn helden Marley & The Wailers was de Tilburger misschien nooit in de de reggae terechtgekomen. The Wailers ‘rocken’ volgens de Tilburgse rasta nog steeds de sterren van de hemel, al zijn het zestigers. “Reggae houdt jong.” Vooral Junior Marvin is volgens hem een uitmuntend gitarist. “Kan zijn gitaar laten praten met z’n snaren.”
RasDré (1968) is net te jong om Marley live gezien te hebben. “Daar baal ik enorm van. Ontzettend zonde dat hij zo vroeg gestorven is. Maar zijn geest zal rondwaren op de Parade.”
UnitedSounds brengt op 7 mei een Bob Marley-tribute in Hall of Fame in Tilburg en 13 mei (met Irieginal Abraham van Beef) in W2 Den Bosch.

5 Vragen aan Wailer Al(bert) Anderson

Wat als Bob nog geleefd had?

‘Dan zou hij de zanger zijn van deze band. Sure.’

Hoe was het om te werken met hem?

‘Ingewikkeld.’

Beste Wailers-song:
‘African Herbsman.’

Wat kunnen we verwachten in Den Bosch?

‘Geen Wailers-tribute, maar ook nieuw werk met een rol voor singer/songwriter en toetsenist Desi Hyson.’

Beste reggae-act van het moment?

‘Tiken Jah Fakoly uit Ivoorkust.'



PROGRAMMA NOORD ZUID
Noord Zuid Bevrijdingsfestival, Parade en Kerkplein Den Bosch, donderdag 5 mei

Thema: Vrijheid ligt niet op straat

Het programma op De Parade

14u-14.50u Farid Mayara & Cosmic Carnaval (Nederland/Marokko)
Cosmic Carnaval won in 2009 de Grote Prijs van Nederland. Na een ontmoeting in Casablanca met de band rond bassist/zanger Farid Mayara besloten ze samen op te treden in Nederland en Marokko. Resultaat: wereldse crossover van seventies-pop, reggae, hiphop en gnaoua.

15.05u-15.10u Opening Festival
Albert Verlinde ontsteekt het Bevrijdingsvuur.

15.10u-16.10u Muyayo Riff (Spanje)
Jonge Catalaanse band met licht ontvlambare mestizo-mix van (punk)rock, polka, rumba, ska en reggae.

16.25u-17.30u Russkaja (Oostenrijk)
Feestelijke Oostblok-folkska uit Wenen.

16.55u-17u, 5 voor 5 podiumactie

17.40u-18.45u Jungle by Night (Nederland)
Piepjonge Amsterdamse revelatie met broeierige instrumentale Afrobeat.

19.00u-19.30u The Opposites & The Partysquad (Nederland)
Ambassadeurs van de Vrijheid. Creatief Nederhopduo vs beukende arrenbie-hitmachine.

19.45u-20.35u La Cherga (Duitsland)
De herkomst van de bandleden - Bosnië, Kroatië, Macedonië en Jamaica - is terug te horen in een mix van dub, balkanbrass, drum ‘n’ bass en andere electronica. Pakken live behoorlijk energiek uit.

20.50u-21.40u Saint Jude (Engeland)
Engelse rock/blues/gospelsensatie rond zangeres/superstrot Lynne Jackaman. “Modern day Janis Joplin fronting the Small Faces’, volgens hun producer Chris Kimsey, bekend van The Rolling Stones.

21.55u-23.05u The Original Wailers (Jamaica/Engeland/VS)
Rootsrockreggae met Al Anderson en Junior Marvin uit Bob Marleys Wailers.

23.10u-00.00 UnitedSounds (Nederland)
(Dub)reggae sound system uit Tilburg.